613260

Middel 10.5x

Mitochondriele ziekten en depressie

Samenvatting van Miranda van den Eijnden, contactpersoon volwassenen met een mitochondriale aandoening VKS

Depressie en mitochondriële ziekten, Mw. dr. Morava

Klachten n.a.v. een mitochondriële ziekte kunnen optreden in de spieren, hersenen en vitale organen. Organen met de hoogste energie behoefte, de hersenen, laten de meest duidelijke symptomen zien. Door energietekort in de hersenen kan er sprake zijn van mentale retardatie, concentratie stoornis, dementie, epilepsie, doofheid en -mogelijk ook- van gedragsstoornis, angst, autisme en depressie. Van bepaalde symptomen weten we dat ze horen bij een mitochondriële ziekte, van andere symptomen weten we dat (nog) niet zeker.

Hoe vaak komen mitochondriële ziekten in Nederland voor? Ontdekking (ooit in het leven): symptomatisch 0.025 % (1:4000). Ontdekking bij volwassenen in Nederland die voor het eerst symptomen krijgen: 0.01%.

Depressie komt in Nederland (ooit in het leven) in 15,4 % voor. Per jaar komt bij 2,7 % van de volwassen Nederlanders een depressie (voor het eerst in hun leven) voor (bron Nemesis studie, uit Trimbos kengetallen GGZ 2005).

Criteria voor depressie (volgens DSM IV) zijn somberheid *) en/of anhedonie (red:Onvermogen vreugde te ervaren), plus aanvullende symptomen als gedeprimeerdheid, gedaalde belangstelling*), eetstoornissen met bijv. gewichtsverlies*), laag activiteitenniveau *), moe/dagschommeling*), gevoel van schuld, hulpeloosheid, bezorgdheid, en/of vrees en/of suïcidaliteit.

De punten met *) vormen een duidelijke overlap met de symptomen van een mitochondriële ziekte. Het is moeilijk om onderscheid te maken tussen klachten van een depressie en klachten van een mitochondriële ziekte.

In de medische literatuur wordt gesproken over de hoge frequentie (54%) dat een depressie voorkomt bij volwassenen met mitochondriële ziekten.

Bij gezonde mensen komt depressie als volgt voor: in 1-4% bij kinderen en in 10-15% bij volwassenen.

Kortom, bij mitochondriële ziekte komt depressie vaker voor. Artsen vroegen zich af of dit toeval is of dat er een samenhang is.

Er zijn verschillende studies gedaan.

Studie 1: Er is naar 35 kinderen met genetisch bewezen mitochondriële ziekte (retrospectief) gekeken. De symptomen van depressie kwamen bij 5 jongeren (allen meisjes, depressie op 12-16 jarige leeftijd, diagnose mitochondriële ziekte op 14-19 jarige leeftijd) met diagnose van depressie (DSM IV) (5 van de 35=15%) voor. Dit is te veel voor toeval.

Als het geen toeval is, kan het een probleem zijn van de diagnose (is het een symptoom van de depressie of van de mitochondriële ziekte?)?

Bij een depressie komt anhedonie/somberheid (psychomotoriek of cognitieve symptomen) voor. Verder kunnen er vegetatieve klachten als eetlust, slaapproblemen en lichamelijke klachten voorkomen. Zie verder hieronder, bij het onderdeel van dr. Verhaak.

De onderzochte 5 jongeren hadden geen (groot) ATP-tekort. Ze functioneerden (op school) tamelijk normaal en bij alle 5 is de depressie eerder gekomen dan de diagnose mitochondriële ziekte.

Bij een mitochondriële ziekte komt energie tekort (psychomotoriek of cognitieve symptomen) voor. Verder kunnen er vegetatieve klachten als eetlust, slaapproblemen en lichamelijke klachten voorkomen. Kortom, er is veel overlap in de symptomen.

Studie 2 bij 18 kinderen met mitochondriële ziekten

Deze studie bracht naar voren dat er geen verband is tussen de mate van de mitochondriële ziekte en de mate van de depressie (dus een "goede" mito kan een flinke depressie krijgen).

De uitkomsten van deze studies brachten de medici tot de hypothese dat een niet normaal cellulair energie metabolisme geassocieerd kan worden met energietekort en daardoor met kwetsbaarheid van de hersenen. Dit kan leiden tot depressieve klachten.

Dr. Morava nam de stelling in dat depressie een symptoom van een mitochondriële ziekte kan zijn (net als epilepsie en slechthorendheid). Het is belangrijk voor ouders en artsen om alert te zijn om depressief gedrag bij kinderen op tijd te ontdekken. Het Radboud heeft een nieuw klinisch protocol om dit bij mitochondriële patiënten structureel te screenen. Verder gaf dr. Morava aan dat ook ouders van kinderen met een mitochondriële ziekte vaker een depressie krijgen, dit blijkt op basis van medisch literatuur. Dit ligt anders bij ouders van bijv. kinderen met de ziekte van Duchenne.

Mitochondriën en depressie, energiecrisis, Dr. Kozicz

Dr. Kozicz vertelde dat een persoon met een energie tekort (bvb een patiënt met mitochondriële ziekte) sneller een depressie krijgt, dan een gezond persoon.

Stress leidt tot veranderingen, bvb het vormen van nieuwe verbindingen tussen cellen van verschillende hersensdelen in de hersenen. Dit noemen wij plasticiteit. Dit is een vorm van aanpassen, de zogenoemde adaptatie. Adaptatie is essentieel voor het overleven van een individu. Stress kan dus tot adaptatie leiden. Zo kan iemand zich wegens hersenplasticiteit aan nieuwe situaties aanpassen. Maar stress kan tot ziekte leiden. Langdurige stress vereist veel plasticiteit. Dit kost veel energie. Door stress krijgt je dus een energie"crisis". Dit kan leiden tot een depressie. Als je minder energiereserves hebt, dan krijg je bij (langdurige) stress, sneller een depressie.

Een dier (in diermodellen), dat minder reserve heeft, kan door stress eerder depressief gedrag vertonen. Minder reserve kan bijvoorbeeld door verlaagde energie genererende capaciteit voorkomen. Ook wordt bij deze dieren een verlaging van enkele mitochondriële complexen aantoonbaar na structurele of onvoorspelbare stress.

Depressie bij kinderen met een mitochondriële aandoening, Mw. dr. Verhaak

Dr. Verhaak onderhield ons over hoe de diagnose depressie wordt vastgesteld. Voor het (soort) behandeling is het van belang om te weten of de patiënt ziek is of depressief (bijv. waar komt de lusteloosheid vandaan?)

Bij depressie onderkennen we de depressieve stoornis en de dysthyme stoornis.

Kenmerken van een depressieve stoornis zijn: Tenminste gedurende twee weken duidelijke verandering van stemming in termen van depressieve gevoelens of geïrriteerde stemming of verlies van interesse en plezier. Verder moet de patiënt voldoen aan 4 van de volgende 7 kenmerken: veranderd eetpatroon (gewichtsverlies of gewichtstoename), slapeloosheid of veel slapen, motorische onrust of remming, moeheid of verlies van energie, gevoelens van waardeloosheid of schuld, minder concentratie of gedachte aan zelfmoord. Verder heeft de patiënt problemen in functioneren, bijv. minder relaties met anderen, problemen in het uitvoeren van taken en de problemen zijn niet toe te schrijven aan ziekte, medicatie, alcohol/drugs.

Kenmerk van een dysthyme stoornis is dat een depressieve of geïrriteerde stemming gedurende het grootste deel van de dag in een periode van 1 jaar aanwezig is. Hierbij is tenminste sprake van 2 van de volgende kenmerken: slechte eetlust of juist veel eten, slapeloosheid of juist veel slapen, verlies van energie, moeheid, slechte concentratie of besluiteloosheid of gevoelens van hopeloosheid.

Depressie bij kinderen met mentale retardatie heeft vergelijkbare kenmerken, namelijk apathie, slaapproblemen/ eetproblemen, geïrriteerdheid, zelfverwonding (krabben, hoofd bonken), vlakke stemming en motorische onrust of juist heel vlak.

De zwaarte van de depressie kan verschillen en hangt af van het aantal voorkomende symptomen (in het ziekenhuis wordt hier een schema voor gehanteerd).

Vaak komen naast depressie (of mitochondriële ziekte???) ook angststoornis (25%), obsessief compulsieve stoornis (15%), ADHD of gedragsstoornis (25-40%) of eetstoornis (5%) voor.

Hoe vaak komt een depressie voor? Onder de 5 jaar: 1%, 6-12 jaar: 2%, vanaf 12 jaar: 1-8%. Tot 12 jaar komt depressie evenveel voor bij jongens als meisjes, vanaf 12 jaar komt het 2 keer zoveel bij meisjes.

Kinderen kunnen vanaf 7 jaar psychologisch worden getest als ze kunnen praten (niet geretardeerd). Als er wel sprake is van een verstandelijke beperking, dan is testen nog lastig. Bij deze patiënten kun je kijken naar verandering in het gedrag.

Een depressie kan ontstaan door omgevingsfactoren, negatieve of traumatische ervaringen, geweld, scheiding of overlijden ouder, pesten of een andere ingrijpende gebeurtenis.

Als een persoon veel negatieve reacties krijgen, dan ontstaat er een negatief zelfbeeld. Ook een gebrek aan sociale vaardigheden kan eerder tot problemen leiden. Dan zijn er cognitieve factoren, als aangeleerde hulpeloosheid (alles overkomt mij) en passiviteit. Ook kunnen biologische factoren (bijv. afwijkende werking van neurotransmitters) een rol spelen.

Je kunt zien dat een kind depressief is door het te screenen. Een vroege herkenning maakt eerdere behandeling mogelijk. Ook kan een diagnostisch interview door psycholoog of psychiater plaats vinden. Dr. Verhaak wil kinderen met een mitochondriële ziekte standaard screenen op psychische klachten.

De behandeling van een depressie bij gezonde personen kan uit cognitieve gedragstherapie en medicatie bestaan. Bij lichte tot matige depressie wordt de voorkeur gegeven aan psychotherapie. Bij ernstige depressie gaat de voorkeur uit naar een combinatie van medicatie en psychotherapie. Er is nog geen (standaard) behandeling voor patiënten met een mitochondriële ziekte.

Verder gaf ze aan dat je als ouder ook het nodige kan doen om de kwaliteit van het leven van je kind te verbeteren, door bijvoorbeeld voorspelbaar gedrag te vertonen, door positieve dingen te herhalen, te bewegen en een vast dagritme aan te houden. Zij wees ons op een bijzonder tijdschrift "Lotje en Co" (bedoeld voor ouders van zorgintensieve kinderen) en het boek "Moeders zonder grenzen" (door Willemien Vereijken en Esther Kant).

Behandeling van depressie is nog moeilijk. Veel medicijnen zijn niet geschikt voor mensen met een mitochondriële ziekte. Soms is gedragstherapie de enige mogelijkheid. Met name bij geretardeerde mensen is het moeilijk om een diagnose te stellen en een behandeling te beginnen.

Vragen

- Hebben seizoenen invloed op de stemming van mensen (bijv. najaarsmoeheid/depressie)? Ja, het seizoen heeft, naast hormoonschommelingen, invloed op de stemming.

- Is er een bruikbaar medicijn voor mito-patiënten met een depressie? Veel medicijnen zijn levensgevaarlijk voor mito-patiënten. Er is een (internationale) lijst van medicijnen die mito-patiënten niet moeten gebruiken. De voorkeur gaat voor deze patiënten uit naar gedragstherapie.

- Zijn er psychiaters die gespecialiseerd zijn in depressie bij patiënten met een verstandelijke beperking? Deze zijn er niet/nauwelijks. Er is behoefte aan psychiaters die zich hierop willen toeleggen.

Slot

Dit onderwerp gaf herkenning bij de aanwezigen. Leden gaven aan dat ze blij waren dat hier nu onderzoek naar werd ingesteld, omdat ze hiermee al jaren worstelen. De artsen willen hun onderzoek graag verdiepen en zoeken hiervoor subsidie. Ook zijn ze op zoek naar deskundigen (bijv. psychiaters) die zich willen toeleggen op deze problematiek.